Stones water

De levenskunstenaar of de koninklijke kunst van bouw

back to home pdf share

Ken jij een levenskunstenaar? Iemand die zegt:

Het komt zoals het komt en ik maak er het beste van?

(Of ben je misschien zelf zo’n kunstenaar?) Wat vind jij van zo iemand: is hij lichtzinnig, een vrolijke frans, die geen verantwoordelijkheid op zich wil nemen? Of heb je respect voor diegene, omdat hij de gave bezit het leven zonder verwachtingen tegemoet te treden en zich in de situaties die hem gepresenteerd worden, flexibel en creatief te bewegen? Waaruit bestaat deze kunst eigenlijk precies?

 

Kunst

Laten we eerst eens een blik werpen op een definitie van kunst in het algemeen.

Kunst is het resultaat van een creatief proces, waarbij aan het einde meestal een kunstwerk ontstaat; kunst kan echter ook het proces zelf zijn. Wat daarmee bedoeld wordt, is duidelijk wanneer we naar een concert luisteren: het kunstwerk is het door de componist geschapen muziekstuk – en kunst als proces ontvouwt zich door musici, die het stuk onder leiding van een dirigent virtuoos spelen.

Zowel in het kunstwerk als in het proces ontstaat kunst uit het samenspel van hart, hoofd en handen. Waarmee het begint, is misschien niet altijd duidelijk: in het hart of in het hoofd? Is het een inspiratie (hoofd), die het begin aangeeft? Of is het de wens (hart), om iets bepaalds te scheppen? Maar in het samenspel van deze beide centra in het wezen van de mens begint de kunst zich te ontvouwen – en de handen brengen het tot iets zichtbaars, hoorbaars, zij maken het ervaarbaar. 

 

Levenskunst

Aangezien het niet in de bedoeling ligt, dat hier een zichtbaar kunstwerk ontstaat, ligt het voor de hand, levenskunst als een proces te zien, in het verloop waarvan de kunstenaar voortdurend zijn leven creatief vormgeeft. Ook hier ontvouwt zich het proces uit de samenwerking van hart, hoofd en handen. In het levensspel doet de mens inspiratie op, maakt zich dat eigen, vervult het met de kracht van zijn hart en verwerkt het in zijn leven. Hij zegt niet: ‘nee!’, hij zegt: ‘ja’ en ‘laten we eens kijken hoe het gaat’, hij neemt de bal op die hem door het leven wordt toegeworpen. Hij kan het: ‘surfen op de golven’. Zijn glas is nooit half leeg, in het ergste geval is het maar half vol. Hij beoordeelt niet maar hij kiest, waarbij hij vertrouwt op de stem van zijn hart en zijn open denken. Zo tekent zijn leven zich af, zijn kunstwerk is een voortdurend proces van groeien. Pablo Picasso zei:

Als het werk klaar is, is de meester dood.

In het geval van de levenskunstenaar zou het dan zijn:

Als de kunstenaar sterft, is zijn werk volbracht. 

 

De koninklijke kunst van bouw

Dit begrip stamt uit de traditie van de vrijmetselarij. Het doel van de ‘bouwkunst’ was, het doel van de wetmatigheden van de goddelijke wereld te herkennen en te verwezenlijken in het aardse levensveld. Zo kunnen ook aanwijzingen in de Bijbel verstaan worden: Het bouwen op de ‘hoeksteen Jezus Christus’ of:

Waar de heer het huis niet bouwt, vergeefs werken de bouwlieden.

De mens moet een wereldbouwer worden en daarvoor moet hij eerst leren zijn eigen ‘behuizing’ uit goddelijke krachten nieuw op te richten.

Jan van Rijckenborgh schrijft daarover in De elementaire wijsbegeerte van het moderne rozenkruis [1]:

In werkelijkheid is deze vrije of weer bevrijde mens in het bezit van zijn volkomen natuurlijke vermogens en krachten, terwijl de mens in zijn huidige toestand onnatuurlijk is. De weg terug, dat wil zeggen de geleidelijke wedergeboorte in de werkelijke godsnatuur met alle daaraan verbonden gevolgen, is een gnostieke ontwikkeling die als ars magica , magische kunst, of als reconstructio, als koninklijke kunst, verstaan moet worden.

Ook deze kunst komt voort uit het samenspel van hart, hoofd en handen. Maar ze doet dit op een heel bijzondere manier. Ook hier staat aan het begin een wens, die uit het hart komt. De oorsprong van deze wens is een lichtprincipe, dat komt uit een wereld buiten de wereld waarin ik me gewoonlijk beweeg, en het maakt contact met een trillingsfrequentie die hier niet is. Daarom kan ik aanvankelijk niet precies zeggen waaruit deze wens eigenlijk bestaat. Hoe meer ik daar rustig over nadenk, des te vrijer wordt het lichtprincipe in mijn hart en raakt het ook mijn denken. Zo verandert mijn bewustzijn: de wereld van de uiterlijke verschijningen verliest zijn betekenis; de innerlijke, spirituele weg komt in het centrum van mijn leven, mijn wezen te staan.

Welke kunst komt daaruit voort? Eveneens een levenskunst, maar een levenskunst van een speciale soort: namelijk de koninklijke kunst van bouw. De inspiraties voor het ‘kunstwerk van het leven’ dragen de vibraties van het lichtprincipe en ze richten zich op de nieuwe toestand van mijn bewustzijn.

Wat gebeurt er? Op verschillende vlakken beginnen diepe veranderingsprocessen. Op één daarvan wil ik graag ingaan. In de normale vibratietoestand is ons ik, ons ego, gescheiden van de andere mensen en van de wereld. Het leeft in de scheiding ‘subject-object’. Maar als het lichtprincipe in mijn hart, in mijn hoofd en daarmee in mijn bewustzijn begint te werken, dan verandert deze waarneming. Ik ervaar en begrijp met mijn totale wezen, dat ik niet gescheiden ben van dat wat mij omgeeft, maar dat ik er deel van ben en ermee verbonden. Charles Eisenstein, activist en filosoof, noemt deze ervaring het interbeing.

Als ik handel vanuit zo’n niveau, zal mijn handelen principieel anders zijn dan wanneer ik handel vanuit het wereldbeeld van de ‘separatie’ .

Charles Eisenstein

Met de ervaring van het interbeing, het ervaren van het verbonden zijn, wordt niet het horizontale vlak van ‘we zijn allemaal één’ bedoeld. Als het lichtprincipe in mijn wezen en door mij heen vibreert, kan ik het lichtprincipe van andere mensen aanraken en er ontstaat resonantie, verbondenheid. Deze verbondenheid gebeurt op het ‘verticale’ vlak, dat wil zeggen: het is op subtiele manier ook door mijn denken en voelen waar te nemen. Als de andere mens bewust dezelfde ervaring meemaakt, kunnen we tezamen op een volledig nieuwe manier handelen – uit de inspiratie van het lichtprincipe.

Leven vanuit het lichtprincipe is altijd leven in verbondenheid. Zoals de musicus-kunstenaar het werk van de componist hoorbaar, ervaarbaar maakt, kunnen mensen die tezamen uit de verbondenheid van het lichtprincipe handelen, een werk tot stand brengen waarvan de oorsprong bewustzijn is, een veld dat onze ‘normale’ wereld weliswaar doordringt, maar tot nu er nog steeds op wacht om ervaarbaar en zichtbaar te worden. Dit goddelijke lichtprincipe heeft mensenharten, hoofden en handen nodig, heeft lichtdragers nodig, die in overeenstemming daarmee handelen. Jeanne de Salzmann, de naaste medewerkster van Gurdjieff zegt:

Er bestaat een kosmische behoefte aan dit nieuwe wezen.

In het Nieuwe Testament heet het:

De hele schepping wacht op het openbaar worden van de kinderen Gods.

Opdat de verticale kracht op creatieve, scheppende wijze verbonden wordt met het horizontale.

Wat betekent dat voor de levenskunstenaar? Wel, hij zal verder ‘op de golven surfen’, maar nu niet meer alleen, maar gezamenlijk met allen, die net als hij dragers zijn van het lichtprincipe, van het goddelijke principe. Hij wordt gedragen door een golf die zich verheft uit de oceaan van het allesomvattende universele bewustzijn, uit het goddelijke. Daaruit ontstaat dan niet meer alleen het ‘kunstwerk’ van één enkel mens, maar een totaal-kunstwerk, geschapen door allen voor allen.

En anders dan bij het in het begin genoemde voorbeeld van de opvoering van een muzikaal kunstwerk, is er bij zo’n concert geen dirigent nodig, want elke medewerker kent het werk waaraan hij meewerkt, dat zich openbaart en waar hij een deel van is, uit zijn hoofd, by heart- hij herkent het met zijn hart.

Bron

[1] Jan van Rijckenborgh, De elementaire wijsbegeerte van het moderne rozenkruis, Rozekruis Pers, Haarlem 1981

back to home pdf share