White Rose

Het pad van Christiaan Rozenkruis - Deel 2

back to home pdf share

Terug naar deel 1,

Venus

De volgende dag daalt Christiaan Rozenkruis af in de diepe keldergewelven van het slot, dus in zijn diepste zelf, tot zijn oorspronkelijke levensprincipe. Daar vindt hij het grafgewelf van Venus. Boven de deur staat de merkwaardige spreuk:

Hier ligt begraven Venus, de schone vrouw die vele grote mannen geluk, eer, zegen en welvaart heeft ontnomen.

Venus is de goddelijke liefde, die alles schept en onderhoudt maar ook oplost en afbreekt, om het tot een nieuw begin te voeren. Venus wordt oorzaak van oneindig lijden en bitterheid als zij niet erkend en in het diepste innerlijk gezocht wordt. Wij zoeken in geliefde mensen vaak volmaaktheid en vervulling, ja zelfs de ware liefde. Maar die uiterlijke liefde kan hoogstens een afschaduwing zijn van de goddelijke liefde en meestal veroorzaakt zij vanwege de vergissingen die wij zoekenden begaan als wij mensen idealiseren, groot lijden. De ware liefde ontstaat pas dan, als wij ons richten op de heling van onze microkosmos. CRC, die in het diepe gewelf het graf van Venus vindt, is gerijpt tot dit inzicht. Hij weet dat het wezen van de liefde de opwekking van de goddelijke mens is. Pas nu kan hij beginnen aan de eigenlijke alchemische arbeid in het eigen wezen, waardoor Venus in hem levend wordt, als nooit opdrogende bron van leven en liefde.

Na deze voorbereiding steekt CRC met de andere kandidaten een meer over, om aan te komen bij een eiland waarop de toren van Olympus staat, de plaats van het eigenlijke werk van de transformatie. Het meer is de cirkel der eeuwigheid, waar de kandidaat na zijn volkomen overgave mag binnentreden. De toren van Olympus – als plaats van goddelijke schepping – bezit zeven verdiepingen, die de zeven niveaus van ons wezen vertegenwoordigen: stoflichaam, etherlichaam, astrale lichaam, mentale lichaam, drievoudig zelf (manas, buddhi, atman).

 

Bidden is verbinden

Van onder naar boven werken CRC en de overige kandidaten onder leiding van de Zeer Oude (het in de mens aanwezige goddelijke principe) aan de reiniging en verandering van alle aspecten van hun wezen. Het begint in het stoflichaam, dat door dienstbaarheid, stilte en volharden in het niet-zijn wordt voorbereid voor het verdere proces. In de vertelling worden allerlei kruiden en andere substanties door de kandidaten gereinigd. Daarna kunnen ze opstijgen naar de daarboven liggende verdieping, het etherlichaam. Dit proces van stelselmatig opstijgen van het bewustzijn, het bewuste handelen van het grofstoffelijke in het fijnstoffelijke en in het zelf, is alleen mogelijk als het voorbereidende werk op elke verdieping is afgesloten. In het geval van het stoflichaam is het de zelfverloren dienstbaarheid, die tot een werkelijke zijnstoestand geworden is.

In het etherlichaam bidden de kandidaten, zo vertelt de Alchemische Bruiloft. Bidden is in dit verband de klaar bewuste verbinding maken met het oorspronkelijke, eeuwige scheppingsveld. De levendmakende ethers van dit veld vloeien in de vorm van een bron die begint te stromen de ruimte binnen. De oude, ‘gestorven’ bewustzijnsprincipes worden in de ruimte gebracht; zij worden vloeibaar gemaakt, hun vorm lost definitief op. Het oude leven is afgesloten.

Daarna mogen de kandidaten opstijgen naar de volgende verdieping, het astraallichaam. De vloeibaar geworden bewustzijnskrachten worden in een gouden kogel gebracht en in het midden van de ruimte gehangen. De buitenwanden hiervan bestaan afwisselend uit vensters en spiegels. Het zonlicht dat door een venster naar binnen schijnt, wordt door de spiegels gereflecteerd en verveelvoudigd zodat een intensieve lichtstraal zich vanuit alle richtingen op de kogel in het midden richt en deze zo tot gloeien brengt. Terwijl in het etherlichaam een oplossingsproces plaatsvond, worden nu de substanties voor een nieuwe schepping samengesmolten. De kandidaten hebben zich onvoorwaardelijk opengesteld voor de goddelijke liefde, nu mag deze als overweldigend licht het hele wezen vullen. Het astrale lichaam wordt opnieuw geschapen, nu de ik-zucht overwonnen is. Als de gouden kogel genoeg is afgekoeld, wordt ze door de kandidaten met een diamant in twee helften gesneden. In deze gouden helften vinden ze een volmaakt wit ei. De nieuwe mens is geboren, hij moet zich nu in de hoger gelegen verdiepingen bewijzen en verwerkelijken. Het ei wordt naar buiten gebracht, de kandidaten stijgen verder op.

 

Een ontwikkeling zonder eind

Op de volgende verdieping, het mentale lichaam, kruipt er tot grote vreugde van allen een vogel uit het ei, de wedergeboren ziel. Men zou kunnen denken dat het proces nu ten einde is gekomen. De ziel kan nu bewust, en in bezit van de totale ervaringsschat van de microkosmos, leiding geven aan het leven. Het denken van de mens is dus – net als de ‘onderste’ delen van het wezen – vast gegrondvest in het goddelijke scheppingsveld, het voedt zich hieruit. Dat betekent dat ook het mentale lichaam veranderd, getransfigureerd is[i].

Maar daarna begint pas, op de volgende drie verdiepingen van de toren, de ontvouwing van de drie hogere delen van het wezen van de mens, die nu nog latent in ons zijn: manas (het hogere, abstracte denkvermogen), buddhi (de geestziel) en atman (de geestmens). De zielevogel verandert, offert zich, en uiteindelijk is er het levend worden van het jonge koningspaar. Het zijn zeldzame beelden die dit proces-van-binnen beschrijven. Maar dat het paar aan het einde van de weg staat, heeft een duidelijke betekenis: de mens heeft zich van de greep der materie bevrijd, van de identificatie met het stoffelijke lichaam. Mannelijk-vrouwelijk in zichzelf, wordt hij weer tot een zelfscheppend wezen. Christiaan Rozenkruis, die als gast was uitgenodigd voor de bruiloft, heeft zich bewezen als wezenlijke medewerker. Hij heeft zijn ik herkend en tot stilte gebracht; hij heeft volgehouden in het niet-zijn en dienstbaarheid bewezen. Hij heeft zichzelf ontdekt en met iedere schrede overwonnen. De mens die het pad begon, is echter niet degene die ten slotte aankomt. De gast en getuige wordt op de weg van verandering opgenomen in een grote nieuwe eenheid.

Bronnen:

  • Jan van Rickenborgh: The Alchemical Wedding of Christian Rosycross, Volumes I and II, Haarlem 1976
  • Stufen der Wandlung – Die Chymische Hochzeit des Christian Rosenkreutz (Stages of Change – The Chemical Wedding of Christian Rosycross), Brochure on a Symposium of the Stiftung Rosenkreuz, Birnbach Ww.

[i] De transfiguratie betekent een bewuste omwending van alle delen van het menselijke wezen, waardoor goddelijke krachten niet alleen in circulatie komen, maar ook het lichaam ombouwen. Al het tijdelijke wordt vervangen door het eeuwige, het ik-centrale door het al-bewuste.

back to home pdf share