last supper

Leonardo da Vinci - 500 jaar van een genie

back to home pdf share

Om de 500 jaar na zijn dood te markeren, werd in 2019 de tentoonstelling "Leonardo da Vinci - 500 jaar van een genie" geopend. Deze wordt beschouwd als het meest complete en gedetailleerde onderzoek naar het werk van Leonardo Da Vinci. Ze circuleerde wereldwij en was in Almaty, Athene, Denver, Florence, Ottawa, Richmond, Seoul, São Paulo en Tel Aviv. De tentoonstelling gaat verder dan de traditionele manier van het tonen van kunstwerken: de bezoeker wordt ondergedompeld in een omgeving vol zintuiglijke prikkels, gevuld met licht, kleur en geluid.

De externe omgeving zuigt ons als het ware in de ongelofelijke creaties van Da Vinci. De bezoeker die zich openstelt voor het onbekende en zich verbindt met zijn innerlijk, ontdekt het eeuwige en tijdloze aspect van Da Vinci's werk.

Leonardo da Vinci

 

 

 

 

 

 

 

 

Drie verschillende manieren om symbolen te interpreteren

Met betrekking tot de interpretatie van symbolen in het algemeen sprak de filosoof en kerkvader Origenes (185-254), een van de grote exponenten van de filosofie van het vroege christendom, ruwweg van drie mogelijkheden: het "lichamelijke", het "psychische" en het "geestelijke".

  • De " lichamelijke" opvatting komt alleen overeen met de historische interpretatie.
  • Het " psychische" is een interpretatie die gebaseerd is op het geloof. In de zin van de heilsgeschiedenis voldoen historische processen aan de psychologische behoeften van de mens, zoals het bieden van gevoelens van veiligheid, bescherming en liefde.
  • Het "geestelijke" is het gezichtspunt waarin, vanuit de historie, werkelijke of schijnbare, eeuwige geestelijke wetten zich manifesteren die door elk individu in het heden kunnen worden beleefd. Het is een weg, die tot doel heeft ons innerlijk gevoelig te maken voor het licht en het fluïdum van de geest, maar ook om ons open te stellen voor het meest innerlijke gevoel, en het mysterie van het leven en de eeuwigheid.

De Godheid benadert de mens door middel van vele symbolische tekens en bouwt zo een brug naar de kennis.

Elke mens is een kunstenaar

Vandaag de dag werken de invloeden van het Watermantijdperk krachtig in op het bewustzijn. Soortgelijke krachten deden zich voor in de Renaissanceperiode, ongeveer zeshonderd jaar geleden, toen uitdrukkingsvormen en dogma's, ook in de kunst, werden doorbroken. Een voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van een nieuw gevoel van ruimte door het gebruik en de controle van het perspectief in de schilderkunst. Door deze door de kunst teweeggebrachte waarneming vond er een belangrijke verandering plaats in het bewustzijn, die voor veel mensen angst en afwijzing veroorzaakte. Jean Gebser bracht dat tot uitdrukking in Ursprung und Gegenwart1, het boek dat spreekt over deze bewustzijnssprong zoals geciteerd in het artikel Over de essentie van de kunst2.

In het begin van de twintigste eeuw werd ook de ruimte-tijd herzien en in een geheel nieuwe context geplaatst. Zowel op het niveau van de kunst als op dat van de wetenschap zijn ruimte en tijd gerelativeerd. Met de ruimtelijke organisatie van de beelden heeft Picasso het kubisme doen ontstaan. En in diezelfde periode (begin 20-ste eeuw, 1905-1907) werkte Einstein aan de relativiteitstheorie, waarmee hij de relativiteit van de tijd wetenschappelijk aantoonde.

Het denken in drie dimensies is achterhaald. In de context van de relativiteit van tijd en ruimte verschijnt een nieuw licht. We staan op de drempel van een nieuwe dimensie. Universele kennis en kracht stuwen ons naar de vervulling. Wat zijn de kenmerken van deze nieuwe dimensie? Begrip. De innerlijke ervaring dat wetenschap, religie en kunst een eenheid vormen, gaat verder dan het traditionele concept van kunst die beperkt is in de tijd en creëert een nieuw concept dat vrij is van alle theorieën en vooroordelen: "Ieder mens is een kunstenaar", schrijft Jan van Rijckenborgh.

Dit betekent dat ieder mens, in zijn eigen werkelijkheid, een creatief potentieel en een kracht heeft om deze werkelijkheid te veranderen. De nieuwe dimensie, die alomtegenwoordig is, opent zich voor ons als het 'perspectief' van de Renaissance3.

Ten eerste betekent "Renaissance" "opnieuw geboren worden". Ten tweede is het een culturele en historische term die verwijst naar de bloei van cultuur en kunst die verschilde van voorgaande periodes, voornamelijk door het doen herleven van oude culturele waarden. Ten derde is het de naam die sinds 1855 (jaartal uitleggen of anders weglaten) wordt toegeschreven aan de culturele en artistieke periode die in Italië in de vijftiende eeuw begon. Zij stond onder krachtige invloed van de oude Griekse beschaving, die grofweg gekenmerkt werd door de emancipatie van het individu en door de secularisatie van veel wetenschappelijke en esthetische waarden.

Het was een periode waarin de zoektocht naar de oorsprong van religie, kunst en wetenschap centraal stond. Voor de voorlopers van deze beweging ging het niet zozeer om de uiterlijke kant van het leven maar de vernieuwing van binnenuit van de mens en van zijn begrip van zichzelf en van de wereld waarin hij leeft: een innerlijk vernieuwingsproces.

Terug naar de bronnen

De belangrijkste inspiratiebronnen voor de Renaissance waren Plato en Aristoteles. Tientallen kunstenaars en schrijvers probeerden de ideeën van Plato op een nieuwe manier tot uitdrukking te brengen. Deze invloed was zichtbaar op alle niveaus van de samenleving.

Florence was het centrum van de Europese beschaving en de geboorteplaats van de Renaissance, en van daaruit was de familie De Medici, in de persoon van Cosimo de Medici, vooral verantwoordelijk voor de verspreiding van oude Griekse teksten. Marsilio Ficino speelde een hoofdrol in de herontdekking van de Griekse filosofen. Hij was de belangrijkste verspreider van het nieuwe denken van die tijd, door de oprichting van de Neoplatoonse Academie, die zich volledig richtte op het onderzoek naar de relatie tussen God, de kosmos en de mens (de mens als een microkosmos).

Op verzoek van Cosimo de Medici vertaalde Ficino talrijke werken van Hermes Trismegistos, Pythagoras, Orpheus en Zoroaster. En op het moment dat de inhoud ervan bekend werd, bleken veel van de toenmalige dogma's onhoudbaar te zijn, zodra deze werken het bewustzijn van de mens wakker schudden.

Er was een groot verlangen naar spirituele wedergeboorte, naar het geestelijk herstel van de oorspronkelijke mens, die dreigde te verdwalen in de materie. De heropleving van de oude kunst en filosofie stond ten dienste van dit streven naar perfectie. "Ad Fontes" - de terugkeer naar de bronnen - was het motto van die tijd.

Golden Ratio

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Leonardo Da Vinci en de Universele Mens

Een van de belangrijkste concepten van de Renaissance is dat van de Universele Mens. En Leonardo Da Vinci verpersoonlijkt het ideaal van de renaissancemens, omdat hij onder andere schilder, beeldhouwer, architect, ingenieur, wetenschapper en musicus is geweest.

Da Vinci liet verschillende bijdragen na aan de kunst. Een van de beroemdste schilderijen uit de kunstgeschiedenis was La Gioconda, de Mona Lisa. Tegelijkertijd voerde hij talrijke wetenschappelijke experimenten uit, waaronder uitvindingen als reddingsboeien, fietsen, parachutes en de helikopter. Zij fascineerden de mensen van zijn tijd en achtervolgden hen zelfs.

In het tekenen was hij een meester in het perspectief: dit is een opvallend effect dat de toeschouwer "inbrengt" in de ruimte die in het beeld wordt voorgesteld; dit in tegenstelling tot de werken die eerder werden gemaakt, waarin het idee van de alwetendheid van God het dominante gezichtspunt was.

Voor Leonardo was het menselijk lichaam een complexe en geavanceerde machine, die in staat was om verschillende bewegingen te maken. Hij onderzocht de manier waarop vormen het fysieke gedrag van mens en dier bepalen en hoe mensen hun gevoelens uitdrukken. Hij vroeg zich vooral af:

Wat zijn de verborgen mechanismen die het leven zelf bepalen?

Leonardo da Vinci's De Vitruvius Mens illustreert de proportietheorie van de Romeinse architect Vitruvius, die in de eerste eeuw voor Christus leefde. De Vitruvius Mens geeft de gulden snede of de perfecte proporties van het menselijk lichaam weer.

De gulden snede is de harmonieuze relatie tussen de elementen op een manier die in de natuur voorkomt. Voor de denkers van de Renaissance waren dergelijke verhoudingen mathematisch en esthetisch gezien aangenaam, en ze waren essentieel voor de structuur van het universum. Het ideale menselijk lichaam zou zulke dimensies weerspiegelen.

De Vitruvius Mens stelt twee boven elkaar liggende beelden van een lichaam voor: een inscriptie in een cirkel en de andere in een vierkant. De nieuwe mens positioneert zich als een gouden pentagram; hij staat op als een gevleugeld wezen binnen de perfecte cirkel van zijn vernieuwde lichaam.

Het pentagram is de voorstelling van de microkosmische mens. De Penta (de vijf) was gerelateerd aan de ether, het vijfde element, dat, omdat het anders en uniek is, altijd onveranderd blijft. De oude alchemisten gaven met de term kwintessens het vijfde element aan, dat zij ook wel ether of ziel noemden.

De geometrische voorstelling van de Penta bestond uit het mystieke Pythagoreïsche Pentagram: de Pentalpha. Het was een essentieel symbolisch diagram met betrekking tot geometrische esoterie. De weerslag ervan op de filosofie en de kunst was zeer opmerkelijk. Zijn invloed bereikt ons via persoonlijkheden als Plato en Vitruvius. Veel grootheden uit de Renaissance, zoals Leonardo da Vinci, dronken van de lichtbron van de geometrisch-esoterische wetenschap.

De gulden snede, oftewel de goddelijke verhouding, het gouden getal, wordt weergegeven door de Griekse letter Phi, een irrationaal getal dat de relatie tussen de zijde van de vijfhoek en zijn diagonaal beschrijft. In het oude Griekenland vertegenwoordigde de gulden snede de mooiste en meest harmonieuze verhouding die men zich kan voorstellen.

Voor Plato is de geometrie een soort intermediaire kennis tussen het tastbare en het puur ongrijpbare en dus een methode om de ziel naar het eeuwige wezen te leiden: een voorbereidende school voor een wetenschappelijke geest, die in staat is de activiteiten van de ziel naar bovenmenselijke dingen te leiden. Volgens hem helpt de geometrie de vorming van de filosoof, omdat ze de ziel dwingt zich tot het onveranderlijke te wenden.

Heilige Geometrie is opgevat als een uitdrukking van het goddelijke plan dat zich in de fysieke wereld manifesteert, dat wil zeggen als een metafysisch patroon of ontstaan van elke gemanifesteerde vorm, omdat achter elk natuurlijk groeipatroon in feite een geometrische structuur wordt onthuld. Een van de basisprincipes van de Heilige Geometrie is de hermetische stelregel:

wat boven is, is als wat beneden is.

Een principe dat overeenkomt met het idee dat

de microkosmos de macrokosmos weerspiegelt,

wat noodzakelijkerwijs inhoudt dat het gemanifesteerde universum, zijn wetten en structuren, weerspiegeld wordt in de eigenlijke constitutie van de mens. Zo wordt er een voelbare relatie gelegd tussen de universele schepping en de menselijke schepping, waardoor deze laatste een transcendente betekenis krijgt, dat wil zeggen een heilige betekenis. Als gevolg daarvan is de geometrie niet langer een zuiver empirische wetenschap en wordt het een spirituele ervaring4.

Kunst, wetenschap en religie vormen een eenheid, de realisatie van deze drie impulsen van bevrijdend licht geeft aanleiding tot echte kunst:

  • de ideale inspiratie
  • de universele kennis, het vitale verlangen
  • de universele energie, de realiserende impuls, de universele kunst.

De kunstenaar, ieder mens die vertrouwt op deze drie impulsen en zo getuigt van het rijk van het licht, hetzij door vorm, kleur of geluid, manifesteert in de wereld iets van het oorspronkelijke leven. En zo creëert hij een brug, een brug tussen de wereld en het oorspronkelijke leven!

  • 1. Jean Gebser, Ursprung und Gegenwart, DVA, Stuttgart 1949–1953
  • 2. Over de essentie van de kunst. In: Pentagram, jaar 34 (2013), nº 5, p. 22-37
  • 3. Vier eeuwen gedroomde menselijkheid. In: Pentagram, jaar 23 (2001), nº 3, p. 12-15
  • 4. Jezus Zaton, Geometria Sagrada, p. 54
back to home pdf share