Norway

Het heldendicht “Kalevala” ontsluierd als inwijdingsweg Monument van de Finse identiteit, deel 2

back to home pdf share

Terug naar deel 1

 

Op zoek naar mondeling overgeleverde literatuur

Lönnrot richtte zich op Karelië omdat daar – in vergelijking met de overige streken van Finland - de mondelinge overlevering van de liederen bij de ongeletterde bevolking nog vrijwel geheel intact was.

Lönnrots verzamelactiviteiten pasten geheel in het tijdsbeeld. Hij bevond zich in uitstekend gezelschap. Overal in Europa zochten toentertijd geleerden – daarbij geïnspireerd door Herder en de gebroeders Grimm – naar mondeling overgeleverde literatuur uit een grauw verleden en overal zat daarachter de gedachte om op deze manier het toenmalige volk recht te doen en het – waar schriftelijke bronnen nu eenmaal ontbraken – een op mondelinge overlevering gebaseerde geschiedenis te geven. Dat was het logische gevolg van de claim van het volk om vreemde heersers te verdrijven en om zelf politieke invloed uit te oefenen, ja om uiteindelijk autonomie te verwezenlijken. Het waren gedachten die in de Europese revolutie van 1848[1] boven kwamen drijven en die ook – al was het vaak tijdelijk – werden gerealiseerd.

 

De Kalevala ontsluierd

In de interpretatiegeschiedenis van de Kalevala neemt de uitleg van de Finse wijsheidsleraar Pekka Ervast een unieke plaats in. Aanvankelijk interpreteert men de Kalevala vooral historisch. Men zag er een afspiegeling in van een vermeende Gouden Tijd die goed dienst kon doen in het proces van constructie van de Finse identiteit. Later krijgt de mythologische uitleg de overhand. Tegenwoordig is men er algemeen van overtuigd dat de Kalevala een cultureel product is van de negentiende eeuw.

Ervast neemt drastisch afstand van al die opvattingen en publiceert in 1916 – een jaar voor de onafhankelijkheidsverklaring - een opzienbarende, grensverleggende uitleg: de Kalevala legt een verbinding met een beginnend innerlijk typisch Fins christendom en symboliseert een inwijdingsweg.

Ondanks zijn intense betrokkenheid bij het nationale epos is Ervast wars van ieder nationalisme. In zijn ogen bestaat er voor de oprecht strevende mens maar één identiteit, namelijk die van de Christus. “In Christus zijn alle mensenzielen verenigd. Ze vormen een groot mysterievol lichaam waarin de Logos van de mensheid, Christus, zich gekleed heeft. Dat is het Corpus Christi!”

 

Pekka Ervast (1875-1934)

De mens heeft iets in zich wat hem van binnenuit kan inspireren. Hij heeft een innerlijk onzichtbaar, immaterieel leven. Hijzelf is een spiritueel wezen, een ziel, die hem tot burger van een andere, geestelijke onzichtbare wereld maakt; net zoals hij door zijn lichaam in de zichtbare wereld leeft. Zijn gedachten en gevoelens zijn niet enkel op zijn lichamelijke functies terug te voeren. Maar ook kunnen ze erop gericht zijn dat hij als Ziel - als een denkend, voelend en willend Ego - inspiratie uit de goddelijke wereld opneemt.”

Ziehier in een notendop de diep spirituele visie op de tweevoudigheid van de mens van de Finse filosoof, dichter en auteur Pekka Ervast. Als erudiet mens levert hij een grote bijdrage aan de ontwikkeling van het spiritueel klimaat in zijn land tijdens de eerste decennia van de twintigste eeuw.

Door vertalingen in het Duits en het Engels wordt pas in de laatste decennia ook buiten Scandinavië duidelijk hoe indringend en verlichtend de boodschap van Ervast is geweest. Zijn wijsheidsinzichten zijn vervat in meer dan 1300 openbare lezingen, in ruim honderd boeken en in vertalingen naar het Fins van boeken als de Tao – Te – King en de Dhammapada, de aforistische wijsheden[2] van de Boeddha.

Pekka Ervast concentreert zich in zijn interpretatie van de Kalevala op de rol van de Sampo en op de drie helden Wäinämöinen, de oude zanger, Ilmarinen, de smid, en Lemminkainen, de onbezorgde snuiter, de toekomstkracht. Zij uiten zich in een merkwaardige, letterlijk bovenmenselijke taal met een bovenmenselijke betekenis en figureren soms bijna als monsters in een raadselachtig verhaal. In het gedicht wordt die Sampo omschreven – we zagen het al eerder - als een soort molen, die meel, zout en geld maalt en dus voorspoed brengt. Dat is ook de reden dat iedereen de Sampo graag in zijn bezit wil hebben.

Ilmarinen, smeedt de Sampo voor een vreemd gebied waar zogenaamde oudere broeders van de mensheid of primitievere mensen als de Finnen wonen. Hij doet dat op aandringen van Wäinämöinen. Ver van dit gebied wordt de handeling van het verhaal voortgezet, doen zich allerlei gebeurtenissen voor en verstrijkt de tijd. Maar op een bepaald moment zien Wäinämöinen en Ilmarinen zich genoopt om de Sampo weer uit ‘den vreemde’ terug te halen. Echter, op de terugweg vol gevaren en bedreigingen gaat de Sampo ongelukkigerwijs aan diggelen:

 

Wäinämöinen, oud en wakker,

ziet het stoten van de branding,

ziet het drijven naar de oever,

ziet hoe naar het land de stromen

deze Sampostukken voeren,

splinters van het bonte deksel.

Voelt daarover grote vreugde,

spreekt de woorden die zo klinken:

‘Daaruit komt der zaden kiemkracht,

aanvang van gestage welvaart,

daaruit ’t ploegen, daaruit ’t zaaien,

daaruit het veelvormig groeien,

daaruit komt de glans van ’t maanlicht,

komt het vreugdelicht der zonne

over Suomi’s wijde velden,

over ’t dierbaar land van Suomi.’

 

De Sampo aan diggelen

De Sampo symboliseert volgens Pekka Ervast het spirituele lichaam dat voltooid is. Dat het uiteindelijk aan diggelen gaat, betekent dat de Sampo, de oorsprong van de Wijsheid en de heraut van het Geluk, niet is voorbehouden aan een enkel menselijk individu. De Sampo moet in stukjes uiteenvallen zodat iedereen er een deeltje van kan krijgen.

Maar hoe zit het dan met Sampo’s onvergankelijkheid? Schuilt hierachter geen groot mysterie? Achter het verlies van de Sampo is zijn toekomstige wederopstanding verborgen, aldus Ervast. Dat is de wet van het leven. Alles wat geestelijk verloren wordt, daar zal de geest terugkeren. Daarna zal alles opnieuw herwonnen worden. Hij die zijn leven verliest, zal eeuwig leven verwerven.

Ronduit aangrijpend is het slot van de Kalevala: de episode van Marjatta, de reine jonkvrouw, en haar kind, dat Wäinämöinen doet vertrekken. Hier krijgt het hele epos een inkleuring die het geheel volgens Ervast pas begrijpelijk maakt: het christendom krijgt voet aan de grond in Finland, maar heel onpersoonlijk, en los van dogma’s, tijd en ruimte. Marjatta moet met het kind zien te ontkomen aan de brute Ruotus, die een vergelijkbare rol heeft als Herodes. Nergens worden we aan de historische Jezus herinnerd. Wäinämöinen neemt ontroerd afscheid van zijn volk op het moment dat het christendom binnentreedt en de Zoon gedoopt wordt.

“De laatste onzekerheid verdween uit Wäinämöinen’s geest. Een traan liep er langs zijn puisterige wang en een last viel van zijn schouders. ‘Ja, mijn zoon, gij zijt de overwinnaar,’ fluisterde zijn hart vol vreugde, ‘en ik ben nu vrij om zonder zorgen te vertrekken, vrij ook om vreugdevol terug te komen. Dank en glorie aan de Schepper’. Toen doopte de oude man hem, en riep dit edele kind uit tot koning en heer van heel Karelië en tot de behoeder van het Al.”

 


Geraadpleegd dan wel geciteerd uit:

Finsche Mythen en Legenden. Het volksepos “Kalevala”, bewerkt door Maya Tamminen, Zutphen 1928

Kalevala Heldendicht der Finnen, Jan H. Eekhout. Houtsneden van Nico Bulder, Nijkerk 1939

Kalevala, het epos der Finnen, Mies Le Nobel, Zeist 1985

Aldus ontstond de Kalevala, Anneli Asplund en Ulla Lipponen (vert. Adriaan van der Hoeven), Helsinki 1985

 


[1] Het Revolutiejaar 1848 betreft een reeks Europese opstanden die een liberaal systeem, een liberale grondwet of het verdrijven van vreemde heersers mogelijk moesten maken. De beweging was van korte duur en veel afgedwongen maatregelen werden later door de aristocratische en conservatieve elite teruggedraaid.

[2] spreuken

 

 

 

 

back to home pdf share